Ik weet nog hoe ik als een blok viel voor deze keizerlijke pannenkoeken. Een echte coup de foudre was het daar boven. Na een paar uurtjes skiën – in mijn geval steeds voorzien met de nodige val- en glijpartijen- kunnen Kaiserschmarren mij al bekoren. Keizer Franz-Joseph had overschot van gelijk dit één van zijn favoriete gerechten te noemen. Moet je nog even wachten om de latten aan te binden dan heb ik alvast dit receptje voor jou klaar. Serveer dit als ontbijt of brunch en je staat er voor de rest van de dag stevig op :-).

Wat heb je nodig?  

Voor het deeg : 6 eieren, 350 ml melk, 180g bloem, 3 eetlepels kristalsuiker voor het schuim, 2 eetlepels rozijnen, 1 pakje vanillesuiker, een scheutje rum, wat geraspte citroenschil (als je dat graag hebt), een snufje zout en 50g boter
Voor de afwerking : 1 eetlepel boter en kristalsuiker om te karamelliseren. poedersuiker en kaneel om de Kaiserschmarren te bestrooien

Hoe ga je te werk? 

Marineer de rozijnen in de rum.  Scheid de eidooiers van de eiwitten en meng de dooiers en de melk. Voeg de geraspte citroenschil, de vanillesuiker en de bloem toe aan het mengsel  en meng tot je een glad mengsel bekomt.

Sla het eiwit met de kristalsuiker en het snuifje zout tot schuim en sla het onder het deeg.  Verwarm de oven voor op 180 °C. Laat de boter in een pan (met anti-aanbaklaag) smelten, voeg vervolgens het mengsel toe en strooi er na enkele minuten de gemarineerde rozijnen over. Bak de onderkant licht bruin en keer de Kaiserschmarren om. Laat ze tot slot een 5 minuten mooi goudgeel bakken in de oven.

Net voor serveren, verdeel je met een vork de kaisersschmarren in reepjes en strooi je er de stukjes boter, suiker en kaneel over. Schuif ze tot slot nog een paar minuten in de oven en laat je de suiker mooi karamellieren.

Serveren? Met appelmoes of confituur.